Zin en onzin van herstelmiddelen: “Wat jij als prettig ervaart, is sowieso de moeite waard”

Er zijn honderden tools op de loopmarkt die stuk voor stuk claimen het herstel na een intensieve inspanning te bevorderen. Denk aan foamrollers, ijsbaden, compressiekousen, eiwitshakes of massage guns. Maar welke werken nu écht? Loopster, bioloog en wetenschapsjournaliste Mariska van Sprundel bespreekt in haar boek ‘Alles wat je wilt weten over hardlopen’ onder andere hoe de wetenschap naar herstel kijkt en van welke herstelmiddelen het nut wel degelijk bewezen is.

Over herstelroutines en bijbehorende middeltjes kom je tegenwoordig de wildste verhalen tegen, maar voor de wetenschap erachter hoef je enkel het boek ‘Alles wat je wil weten over hardlopen’ te lezen. Auteur Mariska van Sprundel beschrijft op basis van de literatuur wat écht werkt. Het hoofdstuk start met een kleine kanttekening.

Want bepalen wat herstel precies inhoudt, blijkt niet zo eenvoudig. “De meeste onderzoekers bekijken herstel op spierniveau”, steekt ze van wal. “In dat opzicht zou je hersteld zijn wanneer de glycogeenvoorraden in je spieren weer volledig aangevuld zijn en de spierschade verdwenen is. Maar er is meer dan spierherstel alleen.

Na een stevige inspanning zijn verschillende biologische processen in je lichaam uit evenwicht. Naast je spieren hebben ook je immuunsysteem, lever, maag, darmen, hart en bloedvaten een klap gehad. Pas als die allemaal weer in evenwicht zijn – we spreken dan van homeostase – ben je lichamelijk eigenlijk pas hersteld. En dan hebben we het mentale plaatje nog niet bekeken. Voél je je ook hersteld en klaar voor je volgende training?”

Persoonlijke herstelzoektocht

Bovendien blijft ‘sneller’ herstellen een vaag begrip. “Gaat het om minuten, uren of misschien wel dagen?”, bedenkt van Sprundel hardop. “In vergelijking waarmee en vooral hoe meet je dat dan? Net daarom moeten we goed opletten bij middeltjes die beweren dat je dankzij hun gebruik sneller herstelt, en dat zijn er anno 2026 heel wat. In de meeste gevallen is er geen wetenschappelijke evidentie, omdat hun werking simpelweg moeilijk in kaart te brengen is.”

Er zijn ook grote individuele verschillen in herstelbehoeften en -aanpak. “Professionele lopers benaderen hun herstel als een training op zich en hebben vaak tijd (gemaakt) om ’s middags een dutje te doen, hun voedingsplan nauwgezet te volgen, hersteltrainingen in te plannen of ’s nachts wat langer te slapen. Ze krijgen daarin dagelijkse begeleiding waardoor het veel makkelijker is om je op je herstel te focussen.”

“Het is dan ook logisch dat die aandacht voor herstel er bij recreatieve lopers vaker bij inschiet. Weet dat er geen beter middeltje bestaat dan effectief rust nemen en indien nodig een training overslaan. Net omdat herstel zoiets persoonlijks en moeilijk meetbaars is, is de inschatting of je klaar bent voor je volgende training niet evident voor recreanten. Wearables kunnen daarbij een handige indicatie geven, bijvoorbeeld aan de hand van je HRV of je rusthartslag. Met een slaapscore zou ik dan weer niet te veel rekening houden”, lacht ze veelzeggend.

(…)

Lees het volledige artikel in de laatste editie van RunningBE-magazine Liever online lezen? Lees dan verder via Blendle.

RunningBE is verkrijgbaar in de winkel of online te bestellen via onze webshop. Je kunt RunningBE-magazine ook digitaal lezen via Blendle.

Like this article? Share it!

Misschien vind je deze ook interessant?