“De marathon is een vlucht én een verlengstuk van ons dagelijks leven”
Jeroen Scheerder, hoogleraar sportbeleid en sportsociologie aan de KU Leuven, was verrast door het enorme succes van de marathon. “Lopen is al zolang de mens bestaat een van de meest populaire bewegingsvormen. En toch slagen we er nog altijd in om die continu nieuw leven in te blazen. Vanuit marketingstandpunt is dat toch een bewonderenswaardige prestatie.”
“Ik zie in de relatief recente geschiedenis van de loopsport vier golven. Vanaf de jaren 70 werden langere afstanden populairder, in het bijzonder de marathon. Die populariteitstoename ging gepaard met een verschuiving van de atletiekpiste naar de openbare weg. Het fenomeen van massastratenlopen was geboren en zou spoedig naar Europa overwaaien. Eind jaren 90 kwam de tweede golf. Het was de periode van de Start to Run. Er kwamen meer lopers bij, het aantal loopevents nam toe en de focus lag sterk op laagdrempeligheid en het lopen voor de gezondheid. De derde golf, die zo rond 2010 begon, was die van de beats en colours. We gingen door de modder kruipen, door musea en stadhuizen lopen, … Loopevents werden echte festivals.”
De vierde loopgolf
“Vandaag maken we de opkomst van een vierde loopsportgolf mee, met de revival van de marathon in een hoofdrol. COVID-19 heeft een aantal trends versneld en versterkt. Zo zagen we al langer dat geïndividualiseerd sporten in opmars was. Dat hoeft niet te betekenen dat mensen solo sporten, wel dat ze zélf kiezen hoe, waar en wanneer ze sporten. Kijken we naar waar mensen sporten, dan scoren de natuur (42 procent) en de verharde weg (34 procent) het hoogst. De publieke ruimte dus. Ook die evolutie gaat hand in hand met de verdere popularisering van de loopsport.”
“Dan zijn er nog de demografische ontwikkelingen die meespelen. De genderkloof is gedicht. Er zijn vandaag evenveel vrouwen als mannen die lopen. Dat merk je al bij iets kortere afstanden, bij de marathon zijn de mannen nog in de meerderheid. De inhaalbeweging is ingezet, maar we komen van ver. In 1967 werd de eerste vrouw die meedeed aan de marathon – die van Boston – nog weggeduwd. En pas in 1984 in Los Angeles vond de eerste olympische marathon voor vrouwen plaats. Ook jongeren hebben de weg naar het lopen én de marathon gevonden. Dat is een ommekeer. Ik kom zelf uit de atletieksport. Als je als jongere aanleg had voor langere afstanden, dan ging je voor de 1500 meter, de veldcross en eventueel langere afstanden. De marathon was voor lopers die al wat ouder waren, je ging op ‘looppensioen’ in de marathon. Vandaag zie ik ontzettend veel twintigers en dertigers aan de start, de zogenaamde ‘newbies’.”
Lees ook: Zes buitenlandse marathons voor op je bucketlist
De race en de ratrace
Waarom kiezen steeds meer lopers nu voor die mythische 42,195 marathonkilometers? Professor Scheerder ziet twee grote trends – twee kanten van dezelfde medaille – die de populariteit verklaren. “Marathons lopen is zowel een vlucht van ons dagelijks bestaan als een verlengstuk ervan. Door een marathon te lopen, en er eerst maandenlang intensief voor te trainen, lopen we letterlijk weg van de sleur en het monotone van ons dagelijks leven. We gaan op zoek naar vrijheid en zingeving. In die zin wordt de marathon ook wel als een moderne bedevaart aangeduid. Aan de andere kant van het spectrum is een marathon net een verlengstuk van ons leven. Onze jobs zijn competitief, dus zoeken we die competitie ook op voor en na de uren. Tegen anderen of tegen onszelf. De race als verlengstuk van de ratrace. Deze trend gaat niet over ontsnappen aan het dagelijks leven, maar aan het proberen controleren en beheersen ervan. We willen alles meten en alles weten, we gieten alles in cijfers en parameters: onze slaap, onze stress, ons hartritme, ons vermogen, noem maar op. De quantified self.”
Van extreem naar slow
De marathon kadert volgens professor Scheerder ook in de “extremisering” van fysieke uitdagingen. “Op tv zap je van Expeditie Groenland en Expeditie Namibië naar Over de Oceaan en Kamp Waes. Lopen ontsnapt niet aan die extremisering. 10 km, 10 miles of zelfs een halvemarathon: daar maak je geen indruk meer mee. Nee, je moet blijkbaar een marathon lopen. Die marathon ook een deel van onze identiteit. We pronken ermee op Instagram, zetten het op ons cv, bouwen er onze status mee op. Ik zie echter ook wel een tegenbeweging. Je had al slow reading, slow cooking, … en nu heb je ook slow running. In Nederland is de slow triatlon stilaan een hype. Alles rustig aan, op je eigen tempo, zonder tijds- of prestatiedruk. Tijdens de kerstvakantie hebben we met onze running crew een tour gemaakt rond het Veerse Meer. 50 km, geen chrono, rustig tempo. Gewoon heerlijk lopen.”