Onderzoek toont: mannen komen twee keer zo vaak de man met de hamer tegen dan vrouwen

Wie weleens een marathon heeft gelopen, kent het gevoel: rond kilometer 30 lijken de benen plotseling leeg. Alles voelt zwaar, het tempo zakt in en de finish lijkt verder weg dan ooit. Dit fenomeen, beter bekend als de man met de hamer, treft mannen aanzienlijk vaker dan vrouwen. Dat blijkt uit een onderzoek dat in juli 2026 werd gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Scientific Reports.
Het onderzoek

Onderzoekers analyseerden de prestaties van maar liefst 873.334 finishers van de Marathon van Berlijn tussen 1999 en 2025. Hun conclusie is opvallend: mannen hebben ongeveer twee keer zoveel kans als vrouwen om in de tweede helft van de marathon volledig in te storten.

Waarom juist Berlijn?

De Marathon van Berlijn staat bekend als een van de snelste marathons ter wereld. Het parcours is vrijwel volledig vlak en de weersomstandigheden zijn doorgaans koel en stabiel. Daardoor is het een ideale wedstrijd om verschillen in loopgedrag te onderzoeken.

De onderzoekers bekeken van alle finishers hoe sterk het tempo terugliep in de tweede helft van de marathon ten opzichte van de eerste helft. Een vertraging van 20 procent of meer werd beschouwd als een duidelijke inzinking, oftewel: de man met de hamer.

Verschillen tussen mannen en vrouwen

Mannen vertraagden gemiddeld met 10,73 procent, terwijl vrouwen gemiddeld 8,34 procent langzamer werden.

Nog opvallender zijn de percentages lopers die daadwerkelijk instortten. Van de mannen kreeg 17,63 procent te maken met een forse inzinking, tegenover 9,66 procent van de vrouwen.

Bij de snelste marathonlopers waren de verschillen zelfs nog groter. Van de lopers die binnen drie uur finishten, kreeg 1,42 procent van de mannen een zware inzinking. Bij de vrouwen in dezelfde tijdscategorie was dat slechts 0,23 procent. Daarmee liepen de snelste mannen ruim zes keer zoveel risico als de snelste vrouwen.

Opvallend is dat ervaring geen bescherming bood. Of een loper nu 25 of 55 jaar oud was, hetzelfde patroon bleef zichtbaar.

Lees ook: Marathon onder de 4 uur lopen? Dit 16-weken schema helpt je naar sub-4

Nog grotere verschillen bij recreanten

Aan de achterkant van het deelnemersveld werden de verschillen nog duidelijker. Onder lopers die de marathon in meer dan 4 uur en 30 minuten voltooiden, kreeg 41,6% van de mannen te maken met een zware inzinking, tegenover 17,7% van de vrouwen.

Hoe komt dat?

De onderzoekers noemen twee mogelijke verklaringen.

De eerste is fysiologisch. Vrouwen verbranden tijdens langdurige inspanning relatief meer vet en sparen daardoor hun glycogeenvoorraad. Je glycogeenvoorraad is de opgeslagen vorm van koolhydraten in je lichaam.  Juist het opraken van die glycogeenvoorraad is een belangrijke oorzaak van het fenomeen de man met de hamer.

Daarnaast sluiten de onderzoekers een gedragsmatige verklaring niet uit. Mannen zouden hun eigen prestaties vaker overschatten en in competitieve situaties meer risico durven nemen. Tijdens een marathon kan zich dat vertalen in een te hoog begintempo. Om dat hard te maken, is vervolgonderzoek nodig.

Hoe dan ook, wie de eerste kilometers harder loopt dan verstandig is, betaalt daar vaak na ongeveer 30 kilometer de prijs voor.

Conclusie

Als het gaat om het verstandig indelen van een marathon lijken vrouwen gemiddeld beter bestand tegen de verleiding om te hard van start te gaan. En juist dat kan uiteindelijk het verschil maken tussen een sterke finish en een pijnlijk laatste deel van de marathon.

Advies voor jou

Een behoudende start loont. Laat je niet meeslepen door het tempo van andere marathonlopers. Houd je aan je vooraf bepaalde wedstrijdtempo, ook als je je nog verrassend fris voelt en denkt dat je sneller kunt. Een gelijkmatig tempo, of zelfs een negative split, waarbij je de tweede helft net iets sneller loopt dan de eerste, verkleint de kans dat je de man met de hamer tegenkomt.

Lees het volledige onderzoek via deze link.

Like this article? Share it!

Misschien vind je deze ook interessant?