LIIT vs. HIIT: het nut van intervallen aan lage intensiteit

Van HIIT (High Intensity Interval Training) heb je wellicht al gehoord, terwijl LIIT (Low Intensity Interval Training) vaak onder de radar blijft. Wat is het precies, hoe doe je het en hoe haal je er je voordeel uit?

LIIT bestaat, net als HIIT, uit intervallen aan zowel een hogere als lagere intensiteit, maar het verschil tussen de intervallen aan hoge en lage intensiteit bij LIIT is veel kleiner. Je kan LIIT zien als een rustige loopje en HIIT als een sprintje. Aangezien LIIT een trainingsvorm is waarbij je op je hartslag traint, is het belangrijk om je maximale hartslag en hartslagzones te kennen. Een laag-intensieve intervaltraining voer je uit in hartslagzone 2 (60-70% van je maximale harstlag) en 3 (70-80% van je maximale hartslag). Ter vergelijking: bij HITT train je in hartslagzones 4 en 5.

Tip: de beste manier om je maximale hartslag te bepalen, is door een inspanningstest af te leggen in een sportlabo. Een theoretische – maar minder betrouwbare manier – is je HR-max berekenen met volgende formule:  220 – je leeftijd. Weet dat deze formule er een fout van soms meer dan 10 slagen naar onder of boven kan optreden, dus dit is zeker niet de beste manier. Als je toch je HR-max zelf wil berekenen kan je beter gedurende 1 minuut met maximale intensiteit lopen en dán je hartslag meten. Je rustpols bereken is simpel: meet die als je net wakker bent met een sporthorloge en hartslagband.  

LIIT vs. HIIT

Naast het verschil in intensiteit, verschillen LIIT en HIIT ook qua trainingsduur. Een HIIT-sessie duurt zo’n 20 tot 30 minuten, terwijl je voor LIIT al snel zo’n 40 tot 60 minuten moet rekenen alvorens het effectief is. Het is een misvatting dat je training intensief moet zijn om er voordeel uit te halen: zo toont onderzoek aan dat LIIT en HIIT een gelijkaardig effect hebben op gewichtsverlies.

Voordelen van LIIT

Eén van de vele voordelen van een laag-intensieve intervaltraining is dat deze trainingsvorm geschikt is voor iedereen, ongeacht leeftijd, trainingservaring of conditiepeil. Doordat je traint aan lage intensiteit, blijft de belasting op je spieren, gewrichten en ligamenten beperkt. Dat betekent ook dat er een verkleind risico is op blessures in vergelijking met HIIT. Daarnaast verbeter je met LIIT ook je basusconditie en het uithoudingsvermogen van je spieren, doordat het de bloeddoorstroming bevordert. Je aerobe capaciteit neemt toe en je lichaam kan efficiënter koolhydraten en vet omzetten in energie.

Hoe doe je een LIIT-workout?

Er zijn verschillende manieren waarop je LIIT in je trainingsschema kan integreren. Polar geeft op zijn website zowel een voorbeeld van een LIIT-looptraining als een voorbeeld van een LIIT-krachttraining:

*LIIT – lopen: jog rustig gedurende 90 seconden en wandel 3 tot 5 minuten los om te herstellen alvorens je weer begint te joggen. 

*LIIT – kracht: start met een korte opwarming (yoga, wandelen, joggen) en voer volgende oefeningen uit: 10 squats – 90″ rust – 10 push-ups – 90″ rust – 30″ plank – 90″ rust – 10 sit-ups – 90″ rust. Doe dit circuit van 4 oefeningen minstens 3 keer na elkaar en bouw rustog op tot 4 of meer, afhankelijk van de progressie die je maakt. Probeer tijdens de rustpauzes steeds in beweging te blijven: stretch of wandel rustig rond. Zorg ervoor dat je hartslag kan zakken.

Samengevat: je hoeft niet altijd tot het uiterste te gaan om progressie te boeken. Elk type interval heeft zijn voordelen, ook dus de intervallen die je uitvoert aan een lagere intensiteit.

Like this article? Share it!

Misschien vind je deze ook interessant?