Met z’n achten stuiven ze binnen bij bakkerij Delafaille, op het Antwerpse Zuid. Ze hebben net 10 km gelopen, naar de Hobokense Polder en terug. Hun schoenen zijn stoffig, hun adem klinkt nog wat versneld, maar de stemming is opperbest. Ze bestellen koffie en koffiekoeken – de frangipanes en eclairs schijnen hier aanraders. Het is een loopclub zoals er in Vlaanderen ’s weekends duizenden samenkomen om asfalt en paadjes te trotseren, ware het niet dat er tussen hen twee bekende gezichten schuilen.
Joris Brys (37) is radiostem op Studio Brussel en presentator bij Play. Mathieu Terryn (32) is frontman bij de populaire Nederlandstalige popband Bazart. Ze kennen elkaar al jaren: Terryn loopt vaak binnen bij Studio Brussel. Maar het is pas sinds de twee samen hun loopschoenen aangespen en de Ardense modder opzoeken dat hun band onverwoestbaar werd. “Lopen legde een fundament onder onze vriendschap”, zegt Terryn.

Sinds twee jaar zitten ze samen in een loopclub in het Antwerpse, een tegengif voor hun drukke levens. De club is een samenraapsel van vrienden van beiden, een bont allegaartje van achtergronden en leeftijden.
De naam van jullie loopclub is ‘de buiklopers’. Dat vraagt om een woordje uitleg …
JORIS BRYS: “Eerst heette ons WhatsApp-groepje ‘de trailrunners’, maar gaandeweg is die naam geëvolueerd. We lachten met Andy (Baert, van 6D Sports Nutrition, een bedrijf dat sportvoeding maakt; red.) over energiegels en hun, euh, effect op de spijsvertering. Zo zijn we ‘de buiklopers’ geworden. Die naam bleef plakken. In de WhatsApp ondernemen we elke week een poging om af te spreken. Een keer of twee per maand lukt dat ook, meestal op zaterdag of zondag.”
MATHIEU TERRYN: “De club is vooral leuk om de motivatie hoog te houden. We hebben allemaal een passie voor sport en het goede leven. Achteraf babbelen we bij met koffie en koffiekoeken.”
BRYS: “We zijn zeker geen fanatieke ultralopers waarbij het enkel om de sport draait. Vorige zomer zat Mathieu een tijdje in Amsterdam. Toen hebben we met het groepje een keer daar gelopen. ’s Avonds aten we iets en bekeken we de Champions League-finale.”
TERRYN: “De gezelligheid is minstens even belangrijk als het lopen zelf.”
Onderweg gaat het dus niet over loopschoenen of tempozones?
TERRYN: (lacht) “We zijn vaker over voetbal bezig.”
BRYS: “Eigenlijk gaat het nooit over lopen. Wel loopplannen maken, die vaak niet uitkomen. Zoals ons idee om met z’n allen deel te nemen aan een trailrace in Zwitserland. Maar eigenlijk babbelen we vooral over het leven. Voor de foto liepen we even per twee. In realiteit waaieren we breed uit, in kleine groepjes. Dan haakt ineens iemand af en sluit die ergens anders aan en gaat een ander naar voor. Op het einde heb je met iedereen gebabbeld.”

TERRYN: “Het is een praatgroep, maar dan bewegend. Het gaat er ook niet competitief aan toe: we dagen elkaar niet uit, trekken geen sprintjes. We zijn niet de typische machomannen.”
BRYS: “Lopen we samen een trailrun in de Ardennen, dan draait het niet om onze tijd. Dan blijven we zo veel mogelijk samen en amuseren we ons. De laatste keer zaten we nadien nog anderhalf uur in het gras. Als ik thuiskom van de club heb ik nooit het gevoel dat ik 12 km gelopen heb. Nee, ik ben iets gaan doen met vrienden. En ik heb toevallig ook 12 km gelopen. Maar het voelt nooit uitputtend.
TERRYN: “Als ik kon, zou ik altijd in groep lopen. Ik ben sowieso een groepssporter. Toen ik vroeger voetbalde, vond ik het even belangrijk om mijn vrienden te zien dan om op die bal te trappen.”
Testen bij Antwerp
Mooi bruggetje. Joris, jij voetbalde onder meer bij de jeugd van Turnhout en Berchem Sport. Beoefende je vroeger nog andere sporten?
BRYS: “Tussen mijn 5 en 30 speelde ik altijd bij een voetbalploeg. Ik trainde veel, dus tijd voor andere sporten was er amper. Af en toe tenniste ik en ik was een tijdje lid van de Turnhoutse zwemclub. Op woensdagnamiddag zaten we in een kano op de vaart. Maar eigenlijk telde enkel voetbal. Op het veld hoorde lopen erbij. Maar de loopschema’s in het tussenseizoen haatte ik. Normaal moesten we drie weken voor de eerste training al beginnen. Ik bekeek dat schema ten vroegste een week voordien. 5 km voelde als een opdracht. Ik herinner me dat ik als kind eens 8 km liep. Dat leek wel een marathon. Pas sinds een jaar of vier vind ik lopen leuk.”
Volgens de website van Masters of Madness, een tv-programma over een indoor-voetbalcompetitie waaraan je deelnam, waande je je als kind David Beckham. Was je als voetballer dan het balverliefde type?
BRYS: “Ik vond het moeilijk om meters te maken zonder bal. Langs de lijn deed mijn pa teken dat ik meer moest lopen. Maar als ik een bal verloor, bleef ik stilstaan.”
Je deed wel ooit een test bij Antwerp FC.
BRYS: “Ik speelde toen bij Turnhout, derde klasse in de jeugd, en mocht testen bij hun beloften. Ik speelde die dag super. Maar als boerenjongen uit de Kempen kwam ik terecht tussen stadsgasten die op mijn enkels trapten en in mijn oren fluisterden: ‘Jij komt er niet in.’ Omwille van die mentaliteit ben ik niet gegaan. Ik heb lang gedacht dat ik tweede klasse had kunnen halen. Stilaan kom ik daarvan terug. Voor Masters of Madness trainde ik even mee met vierdeklasser Nijlen. Daar voelde ik: ik heb mezelf als voetballer altijd overschat.”
Het volledige artikel lees je in het magazine of via Blendle.